Rosanne Philippens, Camille Thomas en Zoltán Fejérvári

Van imposante lengte is Schuberts 'Eerste pianotrio', maar het verveelt geen moment. De zorgeloosheid en sprankelende levenslust die er uit spreekt, doen denken aan forellen en die paar gelukkige zomerse ‘Wandertage’ in Stein. Toch voltooide Schubert dit pianotrio pas in zijn sterfjaar. Zonder piano klinkt de sonate van Ravel, een meesterstuk uit 1922 dat hij opdroeg aan Debussy. De Franse kamermuziek had veel te danken aan Ravels leermeester: Gabriel Fauré, die een Sociëteit oprichtte om de Franse muziek weer een eigen gezicht te geven. De Nederlandse stervioliste Rosanne Philippens behoeft nauwelijks introductie en met twee briljante Hongaarse musici vormt zij nu een trio van wereldklasse. Op de cello Camille Thomas en achter de piano Zoltán Fejérvári. ProgrammaM. Ravel - Sonate voor viool en cello, M. 73 (1922)G. Fauré - Sonate voor viool en piano nr. 1 in a-klein, Op. 13 F. Schubert - Pianotrio nr. 1 in Bes, D 898